
'Ik vond mezelf lelijk'
Op jonge leeftijd belandde Caroline Mertens (22) na pogingen tot zelfmoord in een inrichting. Boosheid en negativiteit hadden een hoofdrol in haar leven en wie haar toen tegen was gekomen, had een totaal andere vrouw gezien dan nu.
|
,,Op jonge leeftijd was ik al heel depressief. Ik lette altijd op anderen, op hun reacties en wat ze van me vonden. Aan het eind van een schooldag durfde ik niet als eerste afscheid te nemen van mijn klasgenoten, maar wachtte ik altijd tot anderen dat deden. Boosheid en negativiteit beheerste mijn leven en depressiviteit leidde tot gedachtes aan zelfmoord. Daardoor belandde ik al op jonge leeftijd in een inrichting. In de inrichting werd ook autisme vastgesteld. Hoewel ik wel gelovig was opgevoed, geloofde ik niet dat God echt van me hield. Op een gegeven moment gingen mijn ouders scheiden en mijn vader verloor vanaf dat moment alle vertrouwen in God. Hij wilde niets meer van Hem weten. Dit had een grote impact op mijn leven.’’ ,,Vier jaar geleden organiseerde een goede vriend een werkvakantie naar Roemenië. Ik ging mee, niet wetende dat die vakantie mijn leven zou veranderen. De vrienden die mee gingen waren allemaal christenen. ’s Avonds bij de dagafsluiting lazen we de tekst ‘Je bent een parel in God’s hand’. Ik werd boos. Hoe konden ze dat nou zeggen? Ik zag mezelf helemaal niet als een parel, maar vond mezelf lelijk en had een enorm negatief zelfbeeld. Mijn vrienden probeerden me te bemoedigen, maar ik schreeuwde en huilde en wilde het niet geloven. Ze vroegen of ze voor me mochten bidden. Na het gebed liep ik weg en huilde. Maar toen ik terugliep, veranderde er iets in mij. Ineens voelde ik de liefde van God en hoorde ik mezelf zingen dat ik een parel ben in Gods hand. Ik begon het te geloven en zong harder en ging bij mijn vrienden zitten. Daar dankten we God. De volgende ochtend gingen we naar een zigeunerkamp om daar te werken. Er kwam een wildvreemde Roemeense vrouw naar mij toe die mij een boekenlegger gaf. Hierop stond een tekst. Het was Psalm 27 vers 14: Wacht op de Here en wees sterk. Sindsdien ben ik niet meer dezelfde.”
|
,,Toen ik weer thuis was, stopte ik met de antidepressiva. Ik zei tegen God: U bent sterker dan deze medicijnen, met U heb ik geen pillen meer nodig! Ik vertelde het verder aan niemand, want wie zou het kunnen begrijpen? Officieel mag je niet in één keer stoppen met die medicijnen, maar ik wist dat ik nergens bang voor hoefde te zijn. Ik heb er ook nooit meer de behoefte naar gehad, God heeft mij genezen. Ook ben ik genezen van mijn autisme, ik heb nergens meer last van en ben ontzettend gelukkig! Ik weet nu wat God van me vindt, het staat in Zijn Woord. Ik voel me enorm geliefd. Mensen van vroeger herkennen me niet eens meer!’’ |
























